La vida en el campo

Het leven op de campo in Andalusië begon op dinsdag 17 augustus. De dag dat we precies 3 maanden onderweg waren met de camper. De dag dat we Os-kar parkeerden op het terrein van de finca waar we momenteel nog verblijven. De dag dat ons leven een nieuwe wending kreeg.

We hadden de finca gehuurd op afstand. Zowel de honden als wijzelf hadden behoefte gekregen aan een goede nachtrust en meer ruimte. Na vele e-mails en telefoontjes met de makelaar en het zien van foto’s op internet besloten we dat deze plek ideaal zou zijn voor the time being .

Onze eerste reactie bij aankomst was ‘hier gaan we zo snel mogelijk weer weg’. De laatste 2,5 km (wij hadden begrepen 500 mtr) naar de finca bestaat uit een zandpad met scherpe bochten, pittige hoogteverschillen en steile afgronden. Daar hadden we dus geen rekening mee gehouden. Os-kar had er  moeite mee, maar heeft ons wederom niet in de steek gelaten. Als beloning zijn de uitzichten fenomenaal met in de verte de zee. Als kers op de taart is er nog het geweldige zwembad!

De campo ontwaakt

Maar toch… voor ons gevoel zaten we zo ontzettend achteraf, alsof we uit het leven waren gestapt. Het contrast van het campingleven met het leven midden op de campo was iets teveel van het goede dachten we.

Voordat we aankwamen in Andalusië, stonden we op een mooie camping bij Cartagena. Dat gebied deed mij denken aan Mexico en Western films. Het heeft indruk op me gemaakt. Grote droge vlaktes met bruin/rood zand, hier en daar een cactus of kale boom, oranje luchten vol met zand van de Sahara en dan de enorme hitte. We kwamen in een hittegolf terecht met temperaturen die (soms ruim) boven de 40 graden uitkwamen. ‘s- Nachts koelde het ook niet echt af. Onze 3 koelers in de bus deden enorm hun best, maar het mocht niet echt baten. Het was te heet, ook om de honden uit te laten of te fietsen. Eigenlijk om überhaupt te bewegen. Gelukkig konden we eten en drinken op de camping krijgen. We probeerden nog een kamer te regelen met airco, maar nergens waren honden toegelaten als het al niet volgeboekt was.

Cartagena, in alle vroegte de honden uitlaten

Voordat we de hittegolf tegemoet reden, stonden we op een kleine camping in Altea vlakbij de zee. Daar hebben we heerlijk kunnen fietsen en de supermarkt was om de hoek. Het was al behoorlijk warm daar, een voorbode van de hitte die komen zou.

Uitzicht Altea

Onze camperburen, afkomstig uit België, gaven ons een groot stuk zeil om zo wat extra schaduw te kunnen creëren.

Gezellig rommeltje

Op de laatste avond hadden we afgesproken met vrienden die al jaren in Altea wonen. Dat was erg gezellig en de wijn smaakte net iets té goed bleek de volgende dag.

Momenteel staat Os-kar bij de garage voor onderhoud. We hebben extra aandacht gevraagd voor de remmen en de olie wordt ververst. Hij zal weer aan de bak moeten. We willen volgende maand een retourtje Nederland doen met hem. Os-kar weet nog niet dat er een kleine 5.000 km boven zijn hoofd hangt. Hij zou er van blijdschap niet van kunnen slapen.

Ondertussen zijn we aan het kijken waar we de komende maanden (of jaren?) willen gaan doorbrengen. Misschien willen we volgend voorjaar weer verder trekken met onze bus, maar dan richting Portugal of misschien willen we een leuk huis ergens huren… Het is allemaal nog open, maar terug naar Nederland is op dit moment geen optie. Wij zijn nog niet klaar met het ontdekken van het zonnige Zuiden.

Koninginnenpage in de achtertuin

Inmiddels zijn we meer gewend geraakt aan het leven op het platteland van Andalusië en zien we de schoonheid ervan. Want eerlijk is eerlijk, het is ontzettend mooi hier. We hebben ook al aardige mensen leren kennen die ons wat wegwijs brengen in deze streek en ons leren hoe we het zwembad moeten onderhouden. Op 5 Oktober krijgen we een NIE nummer, zodat we eventueel een auto kunnen aanschaffen in Spanje en de huurauto eindelijk kunnen inleveren. Hier rondkarren met Os-kar op steile, smalle straatjes met 10.000 bochten is niet echt ideaal.

Hoe dan ook, ons camperavontuur is nog niet voorbij en er zijn nog veel vraagtekens. Misschien kan ik vraagtekens beter vervangen door uitdagingen. Het enige wat we weten is dat we de komende maanden nog wel in deze streek zullen blijven. In Nederland hebben we deuren gesloten en wat er achter de nieuwe deuren zit weten we nog niet precies. De puzzelstukjes moeten nog op zijn plaats vallen. Dan blijft er vertrouwen over..

Spanje, here we are!

Ik kijk uit over de vallei en hoor de wind waaien door de olijfbomen. Boven me vliegt een gier die een nest heeft tussen de rotsen van de dichtstbijzijnde berg. De honden liggen te slapen en Georges is aan het schrijven. Op de achtergrond klinkt rustige pianomuziek.

Huidige camping in de vroege ochtend

Een ideaal moment zou je denken, maar….. er zijn ook 100.000 vliegen die gek zijn op mensen- en hondenlichamen. Tijdens het schrijven van deze blog wordt er wat afgemept. Giri, onze oudste hond, heeft waarschijnlijk een vlieg in zijn neus gekregen, want hij loopt te niezen als een gek. Arm beestje.

We staan nu op camping nummer 13 van ons avontuur. Een hele rustige plaats in de binnenlanden van Spanje. We zakken steeds verder naar het Zuiden. Gisteren zijn we hier aangekomen na 2 weken op een prachtige camping gestaan te hebben met een heerlijk zwembad en een top restaurant. Al fietsend hebben we de omgeving ontdekt. Het voelde als een vakantie tijdens ons avontuur. Die camping lag in het Noorden van Spanje omringd door bergen. Toen wij daar aankwamen, was er nog geen Nederlander te bekennen. Dat veranderde snel. Gisteren waren de Nederlanders duidelijk in de meerderheid.

Noord Spanje

Het gaf een apart gevoel om de Spaanse grens over te gaan. Vorig jaar hebben we Spanje niet gehaald i.v.m. Corona. In Argelès sur Mer (Zuid-Frankrijk) kon ik zonder problemen mijn 2e Coronaprik krijgen. Dit was toch wel een geruststellend gevoel met de reis naar Spanje in het vooruitzicht. De dag voor vertrek heb ik zelfs nog een allergeentest gedaan, just in case… Uiteindelijk reden we al in Spanje, voordat we het in de gaten hadden (waar zijn die Franse borden gebleven?). Yes, we zijn er eindelijk, het land waar we erg nieuwsgierig naar zijn.

Spaanse kat

De maand dat we in Frankrijk hebben rondgereisd lijkt alweer zo ver weg. Het is een totaal andere wereld hier in het Zuiderse land, maar ook wij zijn veranderd. Het leven in de camper is zo vertrouwd geworden, dat geldt ook voor de honden. Ze hebben hun vaste plekje gevonden en vinden het prima als ze even alleen in de camper moeten zijn met alle coolers en waaiers aan.

Op de camping in Argelès sur Mer

Inmiddels wonen we alweer 11 weken in de camper. 17 Mei zijn we aan de reis begonnen in het Nederlandse Limburg. Om eerlijk te zijn begint de behoefte aan een dak boven ons hoofd wel te groeien. Gewoon even meer ruimte om te leven en niet meer camping-hoppen. Een vast stekje met de mogelijkheid om familie en vrienden weer te zien lijkt ons ook heerlijk. En ik mis mijn piano een klein beetje. Dit alles heeft geleid dat we op zoektocht zijn gegaan naar een leuke finca in het Zuiden van Spanje. Hoe het uiteindelijk ook gaat lopen, het camperleven heb ik in mijn hart gesloten. De vrijheid, de leuke en verschillende contacten, het leven in de natuur en de eenvoud heeft ook zijn charme. Een mens heeft eigenlijk heel weinig nodig. We staan nu voor het eerst zonder stroom van een camping dus doen alles via onze zonnepanelen. OK, die luxe Nespresso in de ochtend moet ingeruild worden voor oploskoffie en het gemak van een waterkoker moeten we even laten varen. Dan maar water koken via het gasfornuis met een nog amper gebruikte fluitketel. Uit dankbaarheid krijgen we van meneer ketel de mooiste fluitconcerten terug met als resultaat een verbaasde Bart (hond) die niet begrijpt waar dat geluid vandaan komt.

Dinsdag mag Os-kar weer rijden. Eens kijken of er een mooie camping met zwembad te vinden is, want het wordt er niet echt kouder op.

We hebben er zin in !